Op de zevende ochtend kwam Polly vroeg naar de tank. Het laboratorium was stil.
Pasta was aan de voorkant van de tank. Dit was nieuw. Zes dagen lang had de octopus zich in haar pijp of in een hoekje verstopt. Vandaag drukte ze zich tegen het glas. Al haar acht armen waren gespreid. Haar oog was op gelijke hoogte met dat van Polly.
Ze keken elkaar aan.
Wat er tussen een papegaai en een octopus gebeurt, is waarschijnlijk geen vriendschap. Octopussen kunnen warmte door hun huid voelen. Ze kunnen beweging door hun zuignappen waarnemen. De octopus verzamelde informatie.
Polly hupte langs de rand. Het oog van de octopus volgde haar. Toen Polly stopte, stopte het oog ook.
Zeven minuten lang keken ze naar elkaar.
Read it. Then say it.
Shadow this paragraph in the PollyStop app — record yourself, see how close your pronunciation gets to a native speaker's, sentence by sentence. Free.
Toen deed de octopus iets nieuws. Ze ontvouwde langzaam een arm. Ze drukte de punt ervan tegen de binnenkant van het glas, precies tegenover Polly's poot. De zuignappen spreidden zich en werden toen stil.
Polly raakte met haar snavel de buitenkant van het glas aan.
De arm bleef een lange minuut. Toen gleed hij terug in het water.
Chiara kwam binnen met twee kopjes koffie. "Je gaat weg," zei ze. "Reis veilig."
Polly vloog het instituut uit. De Baai van Napels opende zich voor haar. Ze klom omhoog en vond de wind.