Carla had haar hand gesneden bij de afwas. Het was niet diep, maar het bleef bloeden, dus ging ze naar de huisartsenpost. De receptioniste vroeg om haar verzekeringspas en gaf haar een nummer. Zevenenveertig.
🔊 Listen to this paragraph Hide audio
Het scherm boven de deur zei „Nu helpen we: 31". De wachtkamer was vol. Een man las al tien minuten dezelfde pagina van een tijdschrift. Een jonge vader hield een slapende baby vast. Een tiener staarde naar zijn telefoon.
🔊 Listen to this paragraph Hide audio
Carla ging zitten en keek hoe de nummers veranderden. 32. 33. 36. De nummers liepen niet in volgorde. Ze vroeg zich af of ze haar waren vergeten.
🔊 Listen to this paragraph Hide audio
Read it. Then say it.
Shadow this paragraph in the PollyStop app — record yourself, see how close your pronunciation gets to a native speaker's, sentence by sentence. Free.
Na een uur verscheen eindelijk 47 op het scherm. Ze liep door de deur naar het kleine spreekuur. De arts keek twee minuten naar haar hand. „Het is niets", zei hij. „Maak het twee keer per dag schoon. Geen hechtingen."
🔊 Listen to this paragraph Hide audio
Toen ze naar buiten kwam, was de wachtkamer bijna leeg. De tiener was weg. De baby was wakker. De man had eindelijk de pagina omgeslagen.